Gijsbert Ambachtsheer
Gijsbert Ambachtsheer prive

PEULENPRAAT

11 mei 2026 om 10:05

Letterlijke oprechtheid

Over taal is al zoveel geschreven dat ik me niet heel erg bezwaard voel om ook nog een ietwat stinkende duit in het figuurlijke zakje te doen. Taal is levend en beweegt mee met de tijd. Zelf vind ik het razend interessant om de ontwikkelingen een beetje te volgen, maar dat is niet altijd makkelijk.

Als het gaat om trends onder jongeren denk ik anno nu direct aan het woord 'oprecht'. Ooit betekende dat gewoon dat iemand goede bedoelingen had. Tegenwoordig is het meer een bevestiging van het woord ‘echt’, als in: ,,Ik vind het oprecht heel erg dat je kat is opgegeten door de buurjongen”. Als je hier slechts 'heel erg' zegt, zou de nabestaande in kwestie kunnen denken dat het je eigenlijk geen reet interesseert. Hoewel dat misschien de harde waarheid is, kun je die mooi maskeren met 'oprecht'. Een extra slot op de deur om te voorkomen dat de rouwende zou kunnen vragen: 'meen je dit oprecht?' Dat gesprek wil je vermijden. Maar oprecht!


Laatst hoorde ik in het wild deze tekst: ,,Het spijt me oprecht heel erg. En dat meen ik”. Bij het horen begon ik me af te vragen wat de spreker in kwestie op zijn kerfstok had. Het moet haast wel een dubbele moord zijn geweest. Of een brandstichting waarbij er een hele wijk was afgefikt. Het positieve was dan wel weer dat de man tot inkeer was gekomen. Daarmee kom ik direct bij het tweede taalfenomeen en dat gaat over het woord ‘letterlijk’. Bovenstaande uitspraak werd letterlijk gedaan, maar letterlijk is tegenwoordig veel vaker figuurlijk, bijvoorbeeld: ,,Ik heb letterlijk honderd uur staan wachten bij de kassa” of: ,,Ik ga letterlijk dood van de honger”.


Trend nummer drie is dat iemand opeens, like, random Engelse termen gebruikt, as if hij constant moet switchen tussen languages. Het is een beetje als iemand, wiens kat door de buurjongen is opgegeten en die daarna in Amerika zijn verlies is gaan verwerken. Om vervolgens bij terugkeer te zoeken naar Nederlandse woorden omdat hij drie hele weken in het buitenland heeft gezeten; ,,ja dus toen kwam ik aan bij een — how do you call a place where you can sleep in Dutch? Oh ja, een hotel, en toen begon het herstel eigenlijk al.”


Nu zou u kunnen denken: ,,Ja zure boomer, nu weten we het allemaal wel” en daar heeft u volledig gelijk in! Maar, het was letterlijk iets dat ik, like, oprecht moest verwerken ofzo.

Gijsbert Ambachtsheer