
Peulenpraat: Fictie?
11 september 2025 om 09:33 Column Kompas-columnsMidden in het vlakke land tussen de rivieren in lag het kleine zelfstandige landje Hagé. De mensen die er woonden leefde in overwegend goede harmonie met elkaar en het was er fijn wonen. Er was veel bedrijvigheid en de mensen werkten hard. Op een ongelukkige dag werd het dorp omsingeld door vijandige soldaten. Het mooie landje bleek niet bestand tegen het brute geweld en menigeen sneuvelde terwijl de rest halsoverkop hun eigen hachje probeerde te redden en met wat snel bijeengeraapte belangrijkheden het land uit vluchtte. Achter hen Het silhouet van hun ooit zo veilige land in brand en hoorde je de gevechtskreten van de Hagéërs die bleven strijden voor hun mooie land. De mensen die op de vlucht waren geslagen waaierden uit naar de omringende buurlanden. Zo’n honderdveertig Hagéërs besloten bij elkaar te blijven en als groep hun heil wat verder te zoeken dan in de naburige landen. Je kon maar beter ver van het onheil zijn, wie weet had de vijand de smaak te pakken en wilde het ook de buurlanden van Hagé veroveren.
Na dagenlang reizen kwamen ze aan in Mooiland waar vrede heerste, het gras mooi groen was en de zon altijd scheen, zo leek het. De groep had inmiddels een leider aangewezen die welbespraakt en slim was. Namens de groep ging hij naar de Hoofdraad van Mooiland. Na verschillende onderhandelingen spraak de Hoofdraad de wens uit dat ze de honderdveertig Hagéërs wel wilden huisvesten. Dat moest tenslotte van de Grote Baas die boven de verschillende Hoofdraden van het continent stond. Daarnaast stond er een oud fabriekspand leeg, wat prima als noodopvang gebruikt kon worden. Daarover had de leider van de Hagéërs nog wel even getwijfeld: een fabriekspand? Maar goed, het voldeed in ieder geval aan de basisbehoeften. Toen hij van zijn onderhandelingen terugkwam bleek de groep in rep en roer. Via verschillende kanalen was hen ter ore gekomen dat de inwoners van Mooiland helemaal niet zo aardig bleken. ,,Ze vinden dat we terug moeten om te vechten” riep er één. ,,Ze zeggen dat Hagéërs alleen maar vrouwen verkrachten en voor overlast zorgen” schreeuwde een ander. Het één na het andere negatieve bericht bereikte de groep Hagéërs. Met tranen in haar ogen liet een klein meisje één van de berichten aan de leider zien: ,,Luchtdicht afsluiten, ben je er zo vanaf”. Dit had de leider niet verwacht. De onderhandelingen met de Grote Raad waren juist heel soepel verlopen. Gedesillusioneerd liep hij weg van de groep, hij moest nadenken. Hij kwam langs het bord ,,Mooiland” en kraste verbeten een Z over de M.
Fictie? Of…..?

















