
De Specialist De Langendam over aflossingsvrij: het einde nabij?
26 maart 2026 om 08:51 ZakelijkHARDINXVELD-GIESSENDAM Zowel De Nederlandsche Bank (DNB) als de Autoriteit Financiële Markten (AFM) kwamen onlangs met een update omtrent de risico’s van aflossingsvrije hypotheken.
Het is niet nieuw dat deze toezichthouders waarschuwen voor de risico’s van aflossingsvrij. Dit doen ze al jaren. Ook na de inperking tot maximaal 50% aflossingsvrij ten opzichte van de woningwaarde (Gedragscode Hypothecaire Financieringen, sinds 2011) en het beperken van hypotheekrenteaftrek tot leningen die 100% aflossen in 30 jaar (de nieuwe eigenwoningregeling sinds 2013). Daarmee zijn alle risico’s echter niet verdwenen. Vanuit hun toezichthoudersrol blijven DNB en AFM wijzen op de risico’s die er nog zijn.
DNB-UITLEG
DNB is verantwoordelijk voor toezicht op de stabiliteit van het financiële systeem (het prudentieel toezicht). Zij zien een gevaar voor banken in aflossingsvrije hypotheken ten opzichte van schulden waarop wel periodiek wordt afgelost.
RISICO’S
Terugbetaling vooral afhankelijk van woningwaarde Omdat over aflossingsvrije hypotheken alleen rente betaald wordt, is de aflossing uiteindelijk vooral afhankelijk van de woningwaarde. Bij hypotheken met een aflossingscomponent, is dat niet het geval. De aflossing wordt dan gedaan vanuit het inkomen van de klant. Aflossingsvrij is riskant bij sterk dalende woningprijzen in brede zin. Of in individuele gevallen, als er bijvoorbeeld achterstallig onderhoud is.
Onzekerheid betaalbaarheid na inkomensterugval Omdat er niet of nauwelijks afgelost wordt op een aflossingsvrije hypotheek, is het risico groter dat zich tijdens de looptijd een inkomensterugval voordoet. Zeker als men de aflossingsvrije hypotheek ‘doorrolt’ (herfinanciert) aan het eind van de looptijd. Op enig moment gaat iemand met pensioen, wordt hij werkloos of arbeidsongeschikt. De kans dat iemand dan de rentelasten niet meer kan betalen, is groter.
PENSIOENRESERVES
DNB stelt wel dat de meeste woningbezitters naast een aflossingsvrij leningdeel ook een aflossend leningdeel hebben. En dat de Nederlandse situatie bij pensionering minder risicovol is dan in veel andere Europese landen, vanwege de grote pensioenreserves. Bovendien hebben de meeste klanten met een aflossingsvrije hypotheek ruime overwaarde.
Maar omdat vooral in de periodes van 2035 tot 2038 en 2047 tot 2052 veel aflossingsvrije hypotheken aflopen, kan er in die periodes wel een ‘schok’ ontstaan, als al die hypotheken ineens afgelost moeten worden en dat bij meerdere klanten niet zou lukken. De ECB (gevolgd door DNB) verwacht dan ook dat geldverstrekkers deze risico’s verder beperken.

















