
Jan van den Berg uit Hardinxveld-Giessendam kreeg nog een kaartje uit kamp Westerbork van Joodse onderduikster Beate
5 mei 2026 om 11:08 HistorieHARDINXVELD-GIESSENDAM In de dijksynagoge aan de Rivierdijk in Sliedrecht klonken op 6 mei 2024 de namen van Louis Leviticus en Beate Hildegard Mansbach. Zij trouwden op 24 april 1943 in kamp Westerbork en kwamen een week later op 30 april om in de gaskamers van Sobibor. Ze waren ondergedoken bij de familie Van den Berg aan de Parallelweg in Hardinxveld-Giessendam, maar werden verraden. Zoon Jan van den Berg (88) weet nog als de dag van gisteren dat ze werden opgepakt, hij noemde zijn oudste dochter zelfs Beate.
Louis Leviticus wordt geboren op 18 juli 1918 in Dordrecht als zoon van Felix Leviticus en Emma Golstein. Het gezin telde zes kinderen, drie van hen overleefden de Tweede Wereldoorlog, maar daar hoorde Louis niet bij. Zijn zus Nelly was voor de oorlog verhuisd naar Gorinchem en trad in dienst bij opticien Nort aan de Gasthuisstraat 13, ze woonde boven de zaak. Nelly behaalde in 1940 haar diploma voor opticien en assisteerde Meijer Nort in de brillenzaak in de binnenstad van Gorinchem. Na de Duitse inval was Meijer Nort radeloos, via Duitse familie had hij al gehoord over de Jodenvervolging in Duitsland. In de nacht van 15 op 16 mei schoot hij zijn drie zonen en vrouw dood en sloeg daarna de hand aan zichzelf. Nelly Leviticus vond de lichamen de volgende morgen. Ondanks deze traumatische ervaring besloot Nelly de winkel voort te zetten en deed daarvoor een beroep op haar broer Louis. Ook kregen ze samen een hypotheek van hun grootvader Aron Leviticus. Samen heropenden ze de zaak in de zomer van 1940.
![]()
Bijschrift - Vooraan Louis Leviticus op het platte dak achter Gasthuisstraat 13 in Gorinchem
Familiearchief Meijler
ONDERDUIKEN
Twee jaar lang lukte het Nelly en Louis om de brillenwinkel Nort op de Gasthuisstraat open te houden, terwijl de maatregelen tegen de Joden steeds strenger werden. Zo mochten de inwoners bijvoorbeeld niets meer kopen bij Joodse winkeliers, dus ook niet bij meer bij broer en zus Leviticus. In de zomer van 1942 werd besloten de winkel te sluiten en om onder te duiken. Vlak voor sluiting van de winkel is Nelly iets te naïef als ze geld in bewaring geeft aan iemand de belooft de betalingen aan de mensen die onderduikers in huis namen, op zich te nemen. Ze zag het geld nooit meer terug, zelf dook ze onder op een landgoed in Nijverdal waar ze als dienstmeisje werkte samen met een vriendin. Louis komt in Hardinxveld-Giessendam terecht bij de familie Van den Berg, samen met zijn vriendin Beate Hildegard Mansbach.
![]()
Bijschrift - Hebreeuwse les (Joods Gorcum)
Familiearchief Meijler
WESTERBORK
Louis Leviticus en zijn vriendin Beate Mansbach (1916) vonden een gastvrij onderkomen bij Job en Teuntje van de Berg aan de Parallelweg te Hardinxveld-Giessendam. Teuntje had voor de oorlog enige tijd in de huishouding van de familie Nort gewerkt. Doordat ze aan de Parallelweg in Hardinxveld-Giessendam wat achteraf woonden, dachten ze dat de onderduikers bij hen veilig zouden zijn. Tevergeefs, hun schuilplaats werd tegelijk met die van zus Nelly en haar vriendin Gonny verraden, maar zij konden niet meer gewaarschuwd worden . Op 18 maart 1943 namen Nederlandse rechercheurs uit Rotterdam hen mee, samen met Job van den Berg. Louis en Beate werden op transport gesteld naar Westerbork, waar vandaan zij nog twee briefkaarten schreven, die pas op 6 en 7 mei werden afgestempeld. Zo schreef Beate een briefkaart aan de familie van den Berg op Parallelweg 129. ,,Lieve mensen, ook van mij de laatste hartelijke groeten voor wij vertrekken. Wij houden goede moed en hopen tot en goede weerzien. Dag, het beste en een zoen voor Jantje, jullie dankbaar”, zo schrijft Beate. (pagina 87 uit Joods Gorcum, Bert Stamkot).
![]()
Bijschrift - De briefkaart die Beate schreef aan de familie Van den Berg
Familiearchief Meijler
Louis en Beate moesten mee, ook mijn vader moest mee. Hij werkte bij de scheepswerf Holland en die moesten ze eerst nog ophalen. Ik zie ze nog met zijn drieen lopen richting het station
EMOTIONEEL
Jan van den Berg (88), die op de briefkaart nog Jantje wordt genoemd, kan zich het oppakken van Louis en Beate met zijn vader nog goed herinneren. ,,Ik was nog maar een kind, maar er kwamen twee Nederlandse rechercheurs aan de deur in zwarte pakken. Louis en Beate moesten mee, ook mijn vader moest mee. Hij werkte bij de scheepswerf Holland en die moesten ze eerst nog ophalen. Ik zie ze nog met zijn drieen lopen richting het station.” Terwijl Jan vertelt over zijn herinneringen, worden zijn ogen vochtig. Het vertellen maakt hem emotioneel, toch wil hij zijn verhaal graag kwijt. ,,Beate was een jonge vrouw en ze mocht natuurlijk niet buiten komen, niemand mocht haar zien. Ze voelde zich kennelijk aangetrokken tot kinderen, ze vertroetelde me, ze had natuurlijk verder niets te doen. Mijn moeder was altijd druk met zorgen voor de onderduikers en het voedsel voor hen, maar zij had alle tijd, Later hoorden we van buren dat ze wel wisten dat wij Joden in huis hadden.”
![]()
Bijschrift - Jan van den Berg noemde zijn oudste dochter Beate
Hannie Visser-Kieboom
JAWOORD
In Kamp Westerbork bleven Louis en Beate niet lang, maar wel lang genoeg om met elkaar in het huwelijk te treden. Louis is dan 24 jaar en Beate 27 jaar. Op 24 april gaven ze elkaar hun jawoord, met als getuigen Jenny Monnikendam (33) en Aron Levie Schielaar (40). Op de huwelijksacte wordt al zichtbaar wat de Jodenvervolging betekende voor hen. Beate is de dochter van slager Leopold Mansbach en Rosa Eichengrun. ,,Beiden zonder bekende woon- en verblijfplaats. De bruid verklaarde mij onder ede, dat zij zich geen geboorte acte of acte van bekendheid kan verschaffen. De ouders van bruidegom en bruid bevinden zich in de onmogelijkheid hun wil ten opzichte van dit huwelijk te verklaren. Door den officier van justitie bij de arrondissementsrechtbank te Assen is blijkens beschikking van twintig dezer, dispensatie verleend van de bij artikel honderddertig van het burgerlijk wetboek, na geschreven afkondiging en wachttijd”, zo is te lezen.
![]()
Bijschrift - Huwelijksacte van Louis en Beate (Drents Archief)
WITTEBROODSWEKEN
Louis en Beate waren niet de enigen die elkaar in Kamp Westerbork het jawoord gaven, dat deden nog 260 andere stellen. Wat bewoog hen om dat nog te doen voordat ze nog geen week later op transport werden gezet naar Sobibor? Wisten ze dat op hun trouwdag al? Misschien wilden ze vooral bij elkaar blijven en lukte dat als gehuwd paar beter. Ze worden op 27 april 1943 op transport gezet. Bij aankomst in Sobibor werden beiden op 30 april 1943 vergast. Vermoord in hun wittebroodsweken, hoe wreed.
![]()
Joods monument in Gorinchem - Hannie Visser-Kieboom
SPRUITEN
De vader van Jan van den Berg werd als straf voor het bieden van een onderduikadres voor Louis en Beate naar Kamp Vught gestuurd en later naar kamp Rathenau in Duitsland. Omdat zijn vader een goede vakman was werd hij in een VI fabriek te werk gesteld. In totaal is zijn vader 26 maanden weg. Voor zijn moeder Teuntje en Jan een moeilijke tijd, hij was enig kind. Door de afwezigheid van zijn vader, werd honger geleden. Ze konden terecht in de gaarkeuken, maar biecht Jan op, hij stal ook weleens rauwe spruiten van andermans land. ,,Wij waren geen kerkgangers, geen huisgenoten des geloofs en dan werd je niet echt geholpen.” De dag dat zijn vader terugkeerde naar huis, kan Jan zich ook nog goed herinneren. ,,Hij kwam achterom. O Job, ben je het echt”, riep mijn moeder emotioneel. Ik moest direct naar opoe, die aan de Rivierdijk woonde om te gaan vertellen dat mijn vader weer terug was.” Vader Job bracht een zelfgemaakt mesje mee voor Jan. Veel vertellen over zijn tijd in Duitsland deed hij niet.
TWEEDE MOEDER
Hoewel Louis en Beate toch niet echt lang bij Jan van den Berg woonden, heeft hij hen nooit vergeten. Vooral aan Beate had hij warme herinneringen, ze was een soort tweede moeder geworden ,,De geboorte van mijn oudste dochter was geen gemakkelijke bevalling, maar toen ze eenmaal was geboren vroeg dokter Cornelis hoe ze moest heten. ‘Beate’ zie ik. Daar had ik vooraf met niemand over gesproken, zelfs niet met mijn vrouw. Maar mijn moeder wist precies waarom ik haar Beate had genoemd. Toen we het aan Nelly Meijler -Leviticus vertelden (zus van Louis), stuurde ze een grote fruitmand.” Jan van den Berg kreeg drie kinderen; zoon Guido en de dochters Beate en Saskia. Ze zijn uit gezworven naar Argentinië, Den Haag en de Achterhoek. Jan geniet vooral van zijn kleindochter Sara, die met moeder Beate in Den Haag woont.
NAMEN NOOIT VERGETEN
Zo zijn de namen van Louis en Beate ook na meer dan tachtig jaar nooit vergeten, maandagavond 6 mei 2024 werden hun namen zelfs genoemd in de dijksynagoge in Sliedrecht. De naam van Louis Leviticus en Beate Mansbach staan ook op het Joods monument aan het Melkpad in Gorinchem.






















